words

Ik hou van simpele gedichten. Mijn werk las ik voor op o.a. het Onbederflijk’ Vers festival, de Wintertuin, Flux-S, Bevrijdingsfestival en het Nijmeegs Boekenfeest. In 2009 werd ik verkozen tot Campusdichter van de Radboud Universiteit Nijmegen. Voor de Minor ‘Creative Writing’ van de Universiteit Maastricht ontwikkelde ik een tweedaagse workshop ‘Introduction to Poetry’. Momenteel volg ik de Schrijversvakschool Groningen.

Hieronder enkele voorbeelden:




Klopsignalen

Mijn vrouw vroeg laatst:
‘Waarom doet het internet het niet?’
Een vraag om op te kauwen.

Nadat ik was uitgeraasd
en de monteur was opgebeld
trok ik mij terug in de meterkast.

Ik liet de snoeren door mijn vingers glijden
zette de modem aan en uit
en bedacht dat elke zoekopdracht
bestaat uit deelpakketjes

die uit zichzelf de kabel vinden
die bij Delfzijl de zee in loopt
langs Russische marineschepen schieten

en eenmaal boven water (Amerika!)
exploderen in een gele poederwolk
gezenderde duiven.

Toen ik weer naar buiten stapte
voelde ik mij lichter
en wijzer.




Persistence of memory


Ik was laatst nog bij een expositie van Escher. Prachtig was dat.

Dit is toch van Escher?

Welnee joh. Nee, dit is Dalí. Weet jij iets van kunst?

We gaan eigenlijk nooit naar musea. We zijn meer van de natuur.

Dat vond ze altijd prachtig, musea.

We wandelen veel. Als we bijvoorbeeld een knoestige eik zien, opnieuw in de knop, dan kan ons dat enorm ontroeren. Voor ons is dat kunst.

Ja ja, jonge sla in september. Dat is ook mooi. Het is natuurlijk wel van een andere orde, maar het kan zeker mooi zijn.

Van een andere orde?

Nou ja, hoe moet ik het uitleggen; de natuur verwijst alleen naar zichzelf. Dat is in zekere zin oppervlakkig. Zo’n werk van Dalí spreekt tot het hart én het hoofd. Of jij of ik er voor staan: we zien, met alle respect, toch iets anders. Maar de natuur kan mooi zijn. Zeker. Ik heb niet voor niets een huis in Toscane.

Bij ons in de tuin staat een prunus, die…

Gaan jullie weleens naar Toscane? Het goede leven? Je moet ook een beetje genieten hoor. Niet altijd zo serieus.

We hebben vorig jaar een vouwwagen gekocht.

Het is er wel duur geworden natuurlijk. Er komen steeds meer mensen van buiten. In de zomermaanden moet je er eigenlijk niet wezen. Of mag je vaker weg van je baas?

We zitten met de schoolvakanties.

Agnes is dol op Toscane. Moet je maar eens aan haar vragen.





Het dier is terug

Ik ken een man wiens broer
een buurman had:
verdwenen.

In de fietsenkelder van het postsorteerbedrijf in Zeist
is dinsdagnacht een vrouw verscheurd.

Metro’s rijden niet.
Op straat is soms ineens paniek.

We maken jacht.
Natuurlijk, we maken jacht.
Er is milieudefensie.

Maar er is meer dan dat.
Er is schaduwvrij parkeren

en zij die zeggen
dat we onszelf
vooral niet moeten laten kennen.




Groot

De kroketten zijn speciaal voor mij
en het brood en de boter.
Ook de koe is dus gemaakt voor mij
en het gras en het graan.
De boer heeft goed zijn best gedaan
voor mij.

Mijn moeder werd voor mij geboren,
mijn vader nam een baan voor mij
en de poes past precies in mijn schoot.
Dat kan geen toeval zijn.

Maar vanochtend was mijn broek
plotseling te klein
en nu tocht het rond mijn sokken
alsof de wereld zeggen wil:
ik wacht niet meer op jou.

Ik heb een stoel gepakt,
ben voor het raam gaan staan.
De tuin ligt er verlaten bij.
Het hekje staat open.
Mijn bal ligt nog steeds op het dak.

(gekozen in de 100 beste gedichten van 2013, Turing nationale poëzie wedstrijd)





Vier manieren om te zorgen

1. Je kunt je zorgen maken. Bijvoorbeeld door iets kleins waarvan je ‘s avonds wakker ligt. Dat doet je onderbuik.
2. Je kunt zorgen dat er niet onnodig zorgen zijn. Je meet, je schrijft gegevens op, je laat patronen zien. Zo sluit je in.
3. Je voedt, verschoont, verwarmt. Klassiek.
4. Tot slot de moeilijkste techniek: er zijn. Meer niet.




Alles wat vast was werd vloeibaar
en toen zijn wij ontstaan:
de gevaarlijke soort.

We leven in water dat altijd troebel is
omdat wij erin leven.
We vechten om land dat geleend is.
We vertrouwen alleen nog ons eigen hoofd.

Bij ons kan een kapsel je
maken en breken.

(gepubliceerd in Op Ruwe Planken)